Uitbraak apenpokken België: enkel feiten, geen stigma

apenpokken

In mei 2022 deed een nieuw virus intrede in ons land en de buurlanden: het apenpokkenvirus. Maar wat is dat nu? Wat kan je doen als preventie of als je vermoedt besmet te zijn? Welke rol neemt çavaria op? En waarom worden homomannen vaak in een adem genoemd met deze ziekte?  

 

Deze pagina wordt regelmatig geüpdatet. Laatste update: 10 augustus 2022 13:30. 

Deel op Sociale Media

De ziekte 

Apenpokken? 

Apenpokken is een ziekte die vooral voorkomt in Centraal- en West-Afrika. In mei 2022 maakte de ziekte zijn intrede in Europa en Noord-Amerika, waaronder België. Wereldwijd zijn er momenteel zo’n 28 000 bevestigde diagnoses, waaronder een 400-tal bij ons.  

Indien je besmet bent met het apenpokkenvirus zal je binnen de 5 à 21 dagen symptomen ervaren. Deze eerste symptomen zijn in de meeste gevallen gelijkaardig aan griepsymptomen. Namelijk: spierpijn, koorts, rillingen, vermoeidheid, hoofdpijn en algemeen onwel.  

Hierna volgen in heel wat gevallen huidletsels. Dit kan gaan om bultjes, puistjes, blaasjes of etterbuilen. De huidletsels krijgen vaak korstjes om daarna te genezen. Helaas kan je aan deze letsels pijnlijke steken en/of jeuk ervaren. De letsels bevinden zich vaak aan de anus, geslachtsorganen, het gezicht en de handen.  

In enkele gevallen ervaren patiënten ook keelklachten of ontstekingen aan de anus en/of plasbuis.  

Wat kan ik doen om apenpokken te voorkomen?  

De ziekte is overdraagbaar via direct contact met de huidletsels, en direct contact met lichaamsvochten en/of slijmvliezen van een besmet persoon. Deze vormen van contact klasseert het Instituut voor tropische geneeskunde (ITG) als ‘zeer hoog risico’.  De ziekte is geen SOA (seksueel overdraagbare aandoening), maar verspreidt zich makkelijk via seksuele contacten. Opgelet! Momenteel wordt nog onderzocht of condooms wel voldoende bescherming beiden tegen het ziekte.  

Verder spreekt het ITG ook over ‘hoog risico’ contacten. Dit gaat dan om de uitwisseling van (veel) speeksel, langdurig contact met besmette oppervlakken of linnen (beddengoed, handdoeken, iemands kledij dragen), wonen bij een besmette persoon en drie uur of langer op één of twee zitplaatsen afstand van een persoon met symptomen zitten in een vliegtuig, bus of trein.  

De voornaamste voorzorgsmaatregelen:  

  • Beperk contact met besmette personen. Dit is natuurlijk niet vanzelfsprekend of mogelijk voor iedereen. Wissel in dat geval contactgegevens uit met personen met wie je intens direct contact hebt gehad.  
  • Blijf thuis indien je je ziek voelt. Zo bescherm je jezelf en anderen. Indien je toch je huis moet verlaten, bijvoorbeeld om naar de dokter te gaan, draag dan een mondmasker en kledij die eventuele huidletsels bedekt.

Ik denk dat ik besmet ben. Wat nu? 

  • Neem contact op met de bestaande testcentra of de polikliniek van het ITG op het nummer 03 247 66 66 van 9u tot 17u
  • Isolatie: blijf thuis, indien je huisgenoten hebt dan blijf je best in je eigen kamer.  
  • Deel geen huishoudelijke artikelen zoals kleding, beddengoed, handdoeken of eetgerei 
  • Vermijd lichamelijk contact, zeker seksueel contact. Opgelet: condooms alleen geven onvoldoende bescherming  
  • Vermijd contact met dieren (vooral knaagdieren)  
  • Verwittig mensen met wie je de afgelopen drie weken contact had 

Er bestaat een vaccin, kom ik in aanmerking?  

België beschikt over 3040 vaccins. De regering heeft beslist deze vaccins allemaal te gebruiken als een eerste dosis. Normaliter wordt dit vaccin verdeeld over 2 dosissen binnen enkele maanden voor maximale bescherming. Deze tweede dosis zal uiteraard volgen in het najaar wanneer de volgende 30.000 vaccins in België worden verwacht.  

Dit wil zeggen dat er momenteel nog steeds onvoldoende vaccins zijn om iedereen preventief te vaccineren. De overheid heeft besloten de vaccins als volgt te verdelen: 

  • 1500 vaccins voor mensen met hiv en zij de momenteel PrEP gebruiken. De extra voorwaarde is dat die tweede categorie in het laatste jaar 2 SOA’s heeft gehad.  

  • 800 vaccins voor mannelijke en transgender sekswerkers 

  • 500 vaccins voor post exposure. Dit wil zeggen: mensen die binnen de vier dagen na contact met een bevestigd besmet persoon zich laten vaccineren.  

De groepen die dus in aanmerking komen voor preventieve vaccins zijn de volgende:  

  • Mannelijke en transgender sekswerkers 

  • Mannen die seks hebben met mannen (MSM) die hiv-positief zijn of PrEP (preventiemedicatie HIV) nemen en minstens twee soa’s hadden de voorbije 12 maanden (labobevestiging tussen 1/8/21 en 31/7/22)  

  • Personen met een ernstige immuunstoornis en een hoge kans op een infectie. Onder immuunstoornissen vallen onder andere ongecontroleerde hiv-infectie, onderdrukte afweer door medicatie (zoals na een transplantatie), kwaadaardige bloedziekten, aangeboren afweerstoornissen …  

  • Laboratoriumpersoneel dat de virusculturen behandelt 

De regering heeft de ambitie geuit deze groepen de volgende week te contacteren en te vaccineren. Indien je tot deze groepen behoort, hou zeker je communicatie in de gaten. Sekswerkers kunnen vanaf 11 augustus ook gevaccineerd worden op de locaties van Ghapro, pasop (violett), Alias en espace P. Indien je tot deze groep behoort kan je hen dus ook direct contacteren voor een vaccin.  

Indien je in aanmerking denkt te komen voor een vaccin na een hoog- of zeer-hoog risicocontact (post exposure), contacteer je best het Instituut voor Tropische Geneeskunde via 03 247 66 66.  

Wat doet çavaria?  

Op dit moment maakt çavaria deel uit van een ronde tafel over apenpokken. Dit gesprek bestaat uit leden van FOD volksgezondheid en verenigingen uit het middenveld. Tijdens deze gesprekken delen we de signalen die wij binnenkrijgen en manen we de overheid aan om sensitief en proactief om te gaan met deze epidemie.  

Daarnaast beklemtonen wij tijdens deze meetings de nood aan een uniforme strategische aanpak:  

  • 1 algemeen informatiepunt voorzien door de overheid 
  • Aandacht naar de gevaarlijke stigmatisatie van mannen die seks hebben met mannen (MSM) in dit dossier 
  • Meer testlocaties
  • Minder strenge voorwaarden voor het vaccin 
  • Meer vaccins

Tijdens de persconferentie van 10 augustus 2022 gaf de FOD volksgezondheid aan dat de deelstatelijke overheden bezig zijn met de ontwikkeling van een groene lijn. Daar zal iedereen terecht kunnen met vragen en bezorgdheden over het apenpokkenvirus. Deze lijnen zijn momenteel nog niet actief. Zodra dit het geval is, zullen wij de contactgegevens verspreiden.  

Çavaria blijft actief het werk van de regering in dit dossier opvolgen. We zijn blij met de vooruitgang, maar benadrukken dat er nog steeds een hoge nood is aan meer vaccins om alle MSM te beschermen. Ook is er nood aan meer testlocaties en een efficiënter verloop van deze testprocedure.  

Stigma  

Binnen Europa en Nood-Amerika vond de eerste uitbraak plaats binnen de sociale groep 'mannen die seks hebben met mannen' (MSM bv. homomannen). Omdat zij ook vaker contact hebben binnen dezelfde sociale groep zet het virus zich momenteel vooral verder binnen deze groep. Een besmetting heeft dus niets te maken met je seksuele oriëntatie. Iedereen die risicocontacten heeft met iemand die besmet is maakt kans op apenpokken.   

Er is dus geen probleem met specifieke communicatiecampagnes en maatregelen naar deze groep toe. Het wordt echter wel een probleem wanneer de overheid voornamelijk inzet op campagnes gericht op MSM, zonder ook tegemoet te komen aan de nood aan hulpverlening en vaccinaties voor zij die hogere risico’s lopen. Echter door enkel te focussen op campagnes zonder gestructureerde hulpverlening, vergroot het risico op stigma en discriminatie die sowieso al rust op deze groep.  

Het is een feit dat MSM momenteel voornamelijk getroffen worden door apenpokken. We verwachten dan ook van de overheid dat zij uitgebreid en gestructureerd voorzien worden van vaccinaties, informatie en mentale ondersteuning.

Het is echter ook essentieel dat de brede bevolking gesensibiliseerd wordt. Zij zijn immers niet immuun voor het virus. Daarnaast speelt deze sensibilisering een belangrijke rol in het actief bevechten van stigmatisatie van MSM tijdens deze epidemie. Door de brede bevolking te voorzien van correcte informatie, minimaliseren we het risico op stigmatiserend gedrag naar MSM toe.

Kortom, het virus moet serieus genomen worden. Er is nood aan een structurele aanpak om het virus zo snel mogelijk aan te pakken.  Een aanpak met erkenning voor de angst die MSM op dit moment ervaren. Een aanpak waarin MSM beschermd worden en iedereen actief bijdraagt aan het indijken van dit virus.

 

Meer lezen?  
 
Monkeypox: get the facts right, push back against the stigma 

Meer info? Vragen?

Het Instituut voor Tropische Geneeskunde heeft alle nodige info gebundeld in een duidelijke FAQ. Klik hier voor meer info. 

Vanaf vrijdag 12 augustus is ook de infolijn 1700 actief. Op dit nummer kan je elke weekdag tussen 9 en 19u terecht voor vragen over het virus. Uitzonderlijk zal dit nummer ook actief zijn gedurende het Pride weekend in Antwerpen (12-14 augustus).

Over Pride voegde minister Crevits het volgende toe: "Er is in deze fase absoluut geen reden tot paniek, er is geen risico op overdracht door bijvoorbeeld samen feest te vieren. Dus als je naar de Pride wil gaan, doe dat. Het is wel belangrijk om mensen goed te informeren". Tijdens de Pride in Antwerpen kan je ook vragen stellen aan de Sensoa infostand.

Vragen? Nood aan een gesprek?  

Maakt dit je ongerust? Heb je nog vragen of nood aan een gesprek?  
Contacteer onze info- en luisterlijn Lumi via www.lumi.be