Çavaria verontwaardigd door uitspraken Francken

Post Theo Francken

Çavaria is verbijsterd door de uitspraken van staatssecretaris voor asiel en migratie Theo Francken. Naar aanleiding van een bericht over mannenlingerie schrijft hij: “Mannen die zich schminken, die hun wenkbrauwen epileren, die lingerie dragen, die een sacoche dragen, die zwanger worden… Draait de wereld door of ligt het gewoon aan mij?”

“Dit soort uitspraken is onaanvaardbaar”, zegt çavaria-woordvoerder Jeroen Borghs. “Iedereen die niet in het hokje past van de stereotiepe man of vrouw wordt beledigd en gemarginaliseerd. Je verdeelt de wereld hiermee in ‘normale’ en ‘abnormale’ mensen. Dat is niet het wereldbeeld waar wij voor staan.”

Uit onderzoek blijkt dat de basis van holebi- en transfobie ligt in rigide genderstereotypen, het niet mogen afwijken van de traditionele norm. Wie dat wel doet, wordt belachelijk gemaakt, gediscrimineerd of in het ergste geval geweld aangedaan.

“Er is helemaal niets mis met de traditionele stereotiepe man en vrouw, maar die traditionele visie opleggen aan de rest van de maatschappij is wel problematisch. Het bestaan van lingerie of make-up voor mannen beperkt niemand in hun rechten. Je bent niet verplicht ze te gebruiken en je wordt niet scheef bekeken als je het niet doet.”

Çavaria voelt zich gesterkt door de vele reacties die er komen op de uitspraak van Francken. “Een groot deel van ons werk is vorming geven aan leerkrachten, bedrijven, sportverenigingen, lokale besturen, woonzorgcentra enzovoort. We merken dat het merendeel van de mensen echt wel snappen wat we willen zeggen.”

“Het feit dat een lid van de regering het nodig vindt om zo’n mening publiek te communiceren doet bij ons net de vraag rijzen of de wereld doordraait. Uitspraken als deze sterken mensen met holebifobe en transfobe gedachten net in hun overtuiging. Daarom is het belangrijk dat we hier als maatschappij kordaat op reageren. We eisen dat N-VA zich van deze uitspraken distantieert en een verontschuldiging van meneer Francken lijkt ons hier wel op zijn plaats.”