Holebicliënten
De kans is groot dat hulpverleners tijdens hun carrière met holebicliënten te maken krijgen, ook als ze zich niet als zodanig kenbaar maken. Uit onderzoek over hulpverlening blijkt immers dat holebi's dat niet altijd doen. Voorgaande ervaringen met discriminatie, schroom of nog geen coming-out gedaan hebben, kunnen allemaal redenen zijn om de eigen seksualiteit te verzwijgen.
De hulpverlener
Hulpverleners zijn niet altijd op de hoogte van alles wat met holebiseksualiteit te maken heeft, zo weten we uit ander onderzoek. Dat is hoegenaamd geen verwijt. De recente wetswijzigingen in ons land en de toegenomen aandacht voor holebi's in de media wekken de indruk dat er vrijwel geen problemen meer zijn. Dat is echter niet zo. Het aantal discriminatiemeldingen is nog altijd niet gedaald, onderzoek laat telkens weer zien dat er nog veel werk aan de winkel is. Bovendien bestaan er holebispecifieke problemen. Vandaar het belang van kennis over de doelgroep.
Holebispecifieke deskundigheid
In tegenstelling tot een aantal andere landen, bestaat in ons land geen aparte hulpverlening voor holebi's. Er zijn wel hulpverleners, al dan niet zelf holebi, die deskundigheid over holebi's bezitten. Sommigen zijn tewerkgesteld in de Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW), andere als zelfstandige of in een bijzondere context. Holebifoon kan doorverwijzen.
Aanbod
Meer informatie over holebispecifieke hulpverlening, het bestaande onderzoek en holebi's vind je op deze site. Çavaria schreef in 2009 de brochure 'Oog voor seksuele identiteit' . Die bevat tips en informatie voor hulpverleners, een checklist en inzicht in de kwetsbare groepen binnen de holebibeweging. Je kan de brochure downloaden via de openingspagina van deze site.
'Het Team gelijke kansen van Çavaria biedt ook vorming op maat aan voor hulpverleners en instellingen.